Meer minimakinderen in beeld volgens Armoedemonitor

Afgelopen week is de twee jaarlijkse Armoedemonitor voor de gemeente Losser gepresenteerd.

Deze wordt uitgevoerd in opdracht van het college van de gemeente. De Armoedemonitor geeft inzicht in hoeveel gezinnen moesten rondkomen van een inkomen tot 100% wettelijk sociaal minimum. Uit de monitor blijkt dat er in 2018 aanzienlijk meer kinderen bereikt zijn dan in 2016. Steeds meer kinderen maken gebruik van de voorzieningen van stichting Leergeld.

De opzet van de monitor

De armoedemonitor wordt gebruik om het armoedebeleid van de gemeente waar nodig bij te stellen. Omdat bij sommige regelingen de grens voor deelname is verhoogd, zijn de cijfers van 2018 niet zonder meer vergelijkbaar met die van 2016. Het bereik van de meeste regelingen is toegenomen. Omdat de inkomensgrens voor een aantal regelingen verruimd is, is deze keer ook de groep minima met een inkomen tot 110% wettelijk sociaal minimum in beeld gebracht. Ook worden kinderen die leven in armoede en inwoners die onder de kwijtscheldingsregeling vallen hierin meegenomen. 

Er springen een aantal zaken uit: 

Stichting Leergeld heeft aanzienlijk meer kinderen bereikt

De gemeente wilde met de Klijnsma gelden meer kinderen bereiken en dat is gelukt! Stichting Leergeld heeft in 2018 aanzienlijk meer kinderen bereikt dan in 2016. In 2016 maakten 75 kinderen gebruik van de stichting en in 2018 waren dat 193 kinderen. Dit cijfer omvat zowel het gebruik van Stichting Leergeld, als van het Jeugdfonds sport en Cultuur, waar zij ook de intake voor doen. Een bereik van 53 procent onder de (geschatte) doelgroep van kinderen tot 120 procent Wettelijk sociaal minimum (Wsm). Dat ligt in lijn met het bereik van Stichting Leergeld in andere Gemeenten. Door dit vergrootte bereik kunnen meer kinderen, die in armoede leven meedoen. En dat is het doel.

Verjaarsdagbox Losser goed van start gekomen

In 2018 hebben 118 kinderen gebruikgemaakt van de Verjaardagsbox Losser. Dat is 6 procent van de (geschatte) doelgroep van kinderen in een huishouden tot 120 procent Wsm. In 2016 bestond dit initiatief “voor en door Losser” nog niet. 

Aantal minima nagenoeg gelijk gebleven, aantal minimakinderen in beeld licht gestegen

Tussen 1 januari 2017 en 1 januari 2019 is het aantal minimahuishoudens met een inkomen tot 100 procent nagenoeg gelijk gebleven. Op 1 januari 2019 had de gemeente 553 minimahuishoudens in beeld. Deze huishoudens vormen 5,6 procent van alle huishoudens in de gemeente. Dat komt redelijk overeen met het aandeel minima in andere gemeenten tot 50.000 inwoners.

Het aantal bijstandsuitkeringen is in deze periode licht gedaald, maar de gemeente heeft meer minima met een andersoortig inkomen in beeld gekregen.

Het aantal minima met een AOW-uitkering is gelijk gebleven. Naast de 553 huishoudens met een inkomen tot 100 procent Wsm heeft de gemeente nog 23 huishoudens in beeld die een inkomen hebben tussen 100 en 110 procent Wsm. De nieuwe instroom in een minimumsituatie is lager geworden, wat wil zeggen dat er minder mensen in een minimum situatie terecht zijn gekomen.

Het aantal minimakinderen tot 18 jaar dat bij de gemeente in beeld is, is toegenomen van 305 naar 331. Het aandeel minimakinderen is daarmee gestegen van 7,0% naar 7,6%. Dat heeft onder andere te maken met het feit dat de St. Leergeld en de Verjaardagsbox Losser in 2018 meer kinderen hebben bereikt dan in 2016. Daardoor zijn er meer kinderen bij de gemeente in beeld gekomen.